De kracht van het evangelie ligt in de opstandingskracht van Christus. Deze kracht is niet pas werkzaam sinds de opstanding van Jezus, maar vanaf de grondlegging van de wereld aanwezig in de hele schepping. Het is het goddelijke Leven waardoor alle dingen zijn geschapen en waarin alles zijn samenhang vindt (Kolossenzen 1:15-17).
Volgens Paulus is deze Christus-werkelijkheid eeuwenlang een verborgen mysterie geweest.
“Het mysterie, dat van alle eeuwen en geslachten verborgen is geweest, maar dat nu geopenbaard is aan de heiligen. Aan hen heeft God willen bekend maken welke de rijkdom is van de heerlijkheid van deze verborgenheid onder de heidenen, welke is Christus in u, de hoop op heerlijkheid.” (Kolossenzen 1:26-27)
Dit mysterie is door Jezus van Nazareth geopenbaard. En het goede nieuws, dat juist ook voor de heidenen de hoop op heerlijkheid is, luidt: Christus in ons!
De opstandingskracht is al in de schepping aanwezig
Het gaat om de opstandingskracht van Christus die in mensen aanwezig is en die in Jezus van Nazareth zichtbaar is geworden. Wanneer deze kracht in haar volheid openbaar wordt, worden wij definitief bevrijd van de vloek van zonde en dood. Uiteindelijk zal ook de hele schepping worden bevrijd van haar dienstbaarheid aan de vergankelijkheid en zal het Koninkrijk van God in volle heerlijkheid op aarde zichtbaar worden.
Dat is de kosmische wedergeboorte waar de schepping naar uitziet. Zolang zonde, dood en vergankelijkheid nog werkzaam zijn, is de opstandingskracht van Christus nog niet in haar volheid openbaar geworden.
“Ik zeg u: Als u een geloof had als een mosterdzaad, u zou tegen deze berg zeggen: Verplaats u van hier naar daar! En hij zou gaan, en niets zou voor u onmogelijk zijn.” (Matteüs 17:20)
“Zo is dan het geloof uit het horen, en het horen door het Woord van Christus.” (Romeinen 10:17)
De opstandingskracht van Christus wordt door geloof in ons leven werkzaam. Ons geloof wordt gevormd door wat we horen, en volgens Paulus gaat het daarbij om het Woord van Christus.
De vraag is daarom wat dit Woord van Christus inhoudt.
Wat is het Woord van Christus?
“En God zeide: Er zij Licht; en er was licht.” (Genesis 1:3)
“In den beginne was het Woord en het Woord was bij God en het Woord was God. Dit was in den beginne bij God. Alle dingen zijn door het Woord geworden en zonder dit is geen ding geworden, dat geworden is. In het Woord was leven en het leven was het Licht der mensen.” (Johannes 1:1-4)
God is Licht en in God is geen duisternis (1 Johannes 1:5). God sprak het Woord: Licht!
Dit Woord van God is het Woord van Christus: het Christus-Woord. Christus is het Licht waaruit de hele schepping is voortgekomen, het Licht van alle mensen.
“Christus is het waarachtige Licht dat ieder mens verlicht, komende in de wereld.” (Johannes 1:9)
“En God zeide: Laat Ons mensen maken, naar ons beeld, als onze gelijkenis.” (Genesis 1:26)
De mensheid is uit dit goddelijke Licht voortgekomen, geschapen naar Gods beeld en gelijkenis. Ieder mens draagt van oorsprong de zalving van Gods Geest en is daarmee geroepen om als Christus-mens openbaar te worden. De diepste identiteit van de mens is zijn Christus-identiteit.
Dit is het mysterie dat eeuwenlang verborgen is geweest en in Jezus van Nazareth zichtbaar is geworden.
Christus in ons en de schepping van de mens
In Genesis 2 wordt beschreven hoe de mens uit de aarde wordt gevormd.
“Toen formeerde de HERE God de mens van stof uit de aardbodem en blies de levensadem in zijn neus; alzo werd de mens tot een levend wezen.” (Genesis 2:7)
Bij deze levensadem, de chay nashamah, die ook als levensgeest kan worden vertaald, gaat het om het goddelijke Leven waardoor de fysieke mens tot leven komt. Bij iedere conceptie vindt zo een incarnatie van het Christus-Leven plaats: eicel, zaadcel en het zaad van Christus komen samen in een nieuw menselijk bestaan.
“Toen ik in het verborgene gemaakt werd, kunstig geweven in de schoot van de aarde, was mijn wezen voor u geen geheim.” (Psalm 139:15)
Ons wezen vindt zijn oorsprong niet in ons fysieke lichaam of ons denken, maar in de Christus-werkelijkheid die ons draagt. Dit geestelijke zaad wordt als het ware in de akker van ons fysieke bestaan gelegd.
De opstandingskracht bevindt zich in dit onzichtbare Christus-zaad. Maar doordat wij ons zijn gaan identificeren met ons fysieke lichaam en het op gedachten gebaseerde ego, is ons ware Zelf uit beeld geraakt. Het Christus-Leven bleef aanwezig, maar raakte voor ons bewustzijn verborgen.
De zondeval als val in bewustzijn
Bij de zogenoemde zondeval — een begrip dat als zodanig niet in de grondtekst van de Bijbel voorkomt — gaat het vanuit dit perspectief om een val in ons bewustzijn.
Deze val maakt binnen deze denklijn deel uit van het scheppingsproces. Voor onze conceptie en geboorte bestaan we als geestelijke entiteit in het Godsbewustzijn, volledig één met God, maar nog zonder individueel bewustzijn. Door onze geboorte in een uniek fysiek lichaam en de daarmee samengaande val in bewustzijn worden we onszelf als afzonderlijke, unieke persoon bewust. Deze verduistering is noodzakelijk om individueel bewustzijn te kunnen ontwikkelen.
Daarmee is de val niet het gevolg van een mislukte schepping, maar een noodzakelijke fase binnen Gods scheppingsplan. Vanuit het natuurlijke en individuele bewustzijn kunnen we vervolgens door wedergeboorte ontwaken voor onze Christus-identiteit. Het Christus-bewustzijn brengt ons niet terug naar de toestand van vóór onze geboorte, maar voert ons verder: als unieke, zelfbewuste mensen ontwaken we opnieuw voor onze eenheid met God en keren we terug tot het Godsbewustzijn.
“Doch het geestelijke komt niet eerst, maar het natuurlijke, en daarna het geestelijke.” (1 Korintiërs 15:46)
De val in bewustzijn maakt daarmee deel uit van een scheppingsproces dat nog altijd onderweg is naar zijn voltooiing. Er is vanuit deze visie geen sprake van een voltooide schepping, gevolgd door zondeval en vervolgens herschepping. Het scheppingswerk van God is nog gaande.
Daarom schrijft Paulus dat God in Christus de kosmos met zichzelf verzoenende is (2 Korintiërs 5:19). Verzoening (katallassō) gaat binnen dit perspectief niet over het herstellen van een verbroken verbinding tussen God en mens, maar over het herstel van ons bewustzijn van de werkelijkheid die altijd aanwezig is gebleven: Christus in ons.
Ontwaken voor onze Christus-identiteit
De boodschap van het nieuwe verbond is dat wij de oude mens voor dood mogen houden en vanuit de nieuwe schepping mogen leven. Wij zijn naar Gods beeld en gelijkenis geschapen en mogen ons daarom zonen en dochters van God weten (Psalm 82:6; Johannes 10:34).
De val in bewustzijn heeft aan onze diepste oorsprong niets veranderd. Wat veranderde, was ons bewustzijn daarvan. Het mysterie van Christus in ons raakte bedekt.
Genesis 3 kan vanuit dit perspectief worden gelezen als een poëtische verbeelding van deze verduistering van het menselijke bewustzijn, niet als verklaring van een letterlijke relatiebreuk tussen God en mens.
Begrippen als zondeval en erfzonde passen daarom niet binnen deze visie op het evangelie. Hier ligt het accent niet op een ontologische breuk tussen God en mens, maar op een verduistering van het bewustzijn waardoor onze Christus-identiteit voor ons verborgen raakt.
Het evangelie van het Koninkrijk: Christus in ons
De verkondiging van het evangelie van het Koninkrijk begint daarom bij het mysterie van Christus in ons.
De Christus-werkelijkheid vormt de diepste identiteit en bestemming van de mens. Dat is de kern van het evangelie van Christus: het evangelie dat volgens Paulus een kracht van God is tot behoud van ieder die gelooft (Romeinen 1:16).
Het evangelie vertelt ons niet allereerst hoe wij alsnog bij God kunnen komen. Het openbaart de werkelijkheid waarin wij altijd al gegrond zijn geweest en waarvoor ons bewustzijn mag ontwaken.
Christus in ons, de hoop op heerlijkheid.
De diepste betekenis van dood en opstanding
Vanuit dit perspectief komt ook de betekenis van dood en opstanding opnieuw in beeld.
De dood en opstanding van Jezus openbaren een werkelijkheid die ook in ons werkzaam wordt: het sterven van de oude mens en het opstaan van het Christus-Leven. De opstandingskracht van Christus blijft daarmee niet beperkt tot een gebeurtenis uit het verleden, maar wordt een werkelijkheid waarin wij mogen participeren.
Het Woord van Christus nodigt ons uit om te ontwaken voor het goddelijke Leven dat reeds in ons aanwezig is. Zo krijgt de opstanding niet alleen betekenis als gebeurtenis rondom Jezus van Nazareth, maar ook als de beweging waarin Christus in ons steeds meer openbaar wordt.
Opstaan uit de geestelijke dood
Wanneer mensen het Woord van Christus — het mysterie van Christus in ons — horen, begrijpen en geloven, gaan zij steeds meer participeren in de opstandingskracht van Christus.
Wanneer wij ontdekken dat wij als mens vanuit onze oorsprong in God gezalfd zijn, kan het Christus-Leven steeds meer in ons bestaan openbaar worden. Daarmee staan wij op uit de geestelijke dood: uit een bewustzijn waarin onze ware identiteit verborgen was.
Dit is wedergeboorte: het ontwaken voor een nieuwe bestaanswijze waarin wij ons bewust worden van wie wij werkelijk zijn. Als zonen en dochters van God worden wij zichtbaar in de schepping.
Daarmee begint ook de bevrijding van de dienstbaarheid aan de vergankelijkheid waaraan de hele schepping nog onderworpen is (Romeinen 8:20).
Hoe meer mensen ontwaken voor deze Christus-werkelijkheid, hoe meer de opstandingskracht van Christus in de schepping zichtbaar wordt. Het Christus-Licht gaat steeds krachtiger schijnen en de duisternis van het verduisterde bewustzijn wijkt.
Uiteindelijk zal de zuchtende schepping — de hele kosmos, inclusief de mensheid — tot wedergeboorte komen en worden bevrijd van haar dienstbaarheid aan de vergankelijkheid.
Christus in ons: de hoop op heerlijkheid
“In Hem zijt ook gij, nadat gij het Woord der waarheid, het evangelie uwer behoudenis, hebt gehoord; in Hem zijt gij, toen gij gelovig werd, ook verzegeld met de Heilige Geest der belofte, die een onderpand is van onze erfenis, tot verlossing van het volk, dat Hij Zich verworven heeft, tot lof zijner heerlijkheid.” (Efeziërs 1:13-14)
De heilige Geest, waarmee we verzegeld zijn, is het onderpand van onze erfenis. Die erfenis vindt haar voltooiing in onze verheerlijking: het aandoen van onvergankelijkheid, de definitieve bevrijding van sterfelijkheid.
Christus in ons is met recht de hoop op heerlijkheid.
De dood en opstanding van Christus in ons leiden naar onze uiteindelijke behoudenis: de definitieve bevrijding van zonde, dood en vergankelijkheid.
Wanneer het Woord van Christus wordt gehoord en geloofd, kan het Christus-Leven steeds vollediger zichtbaar worden en beweegt Gods scheppingswerk naar zijn voltooiing.
Reflectievragen
- Wat betekent Christus in ons voor de manier waarop jij naar jezelf kijkt?
- Wat verandert er wanneer je de opstandingskracht van Christus niet alleen als een toekomstige werkelijkheid ziet, maar als goddelijk Leven dat nu al in jou werkzaam is?
- Wat zou er in jouw dagelijks leven zichtbaar worden wanneer het Christus-Leven steeds vrijer door jou heen tot uitdrukking komt?
Resoneert dit artikel bij je, of roept het vragen op?
Je bent van harte welkom om contact met ons op te nemen — we denken graag met je mee.
Samen bouwen aan bewustwording
Wil je helpen om deze boodschap verder te verspreiden? Met een vrijwillige bijdrage ondersteun je ons werk en maak je nieuwe artikelen mogelijk. Elke bijdrage, groot of klein, helpt ons enorm en wordt van harte gewaardeerd.
Wil je op de hoogte blijven van nieuwe artikelen?
Schrijf je dan hieronder in voor onze nieuwsbrief.

Één reactie op “De opstandingskracht van ‘Christus in ons’”
Ik kijk ernaar uit dat uw schrijcen mijn dieper in de opstandingskracht zal verankeren. Nog te vaak voel ik mij zo macheteloos in de de uitdagingen des daags.
Een bezinvolle paasdag voor u👐